Duister Europa

Roemenië Kaplan Duister Europa RoemeniHet referendum over het Associatieverdrag van de Europese Unie met Oekraïne, dat al sinds 2014 voor een groot deel van kracht is, ligt enkele weken achter ons. De tegenstanders van het Associatieverdrag hebben op 6 april 2016 met 64 procent van de stemmen het referendum gewonnen. En hoewel velen denken dat de uitslag door de Tweede Kamer moet worden opgevolgd, is er sprake van een raadgevend referendum. Dat wil zeggen dat kabinet en Tweede Kamer haar voornemen tot ratificatie van het verdrag dienen te heroverwegen. Dat kan betekenen ‘intrekken’, maar ook ‘heronderhandelen’ om tot een nieuw of aangepast verdrag te komen en gehoor te geven aan de bezwaren van het nee-kamp.  Daarbij zullen verschillende aspecten de revue passeren. Daarbij zal ongetwijfeld ook gesproken worden over het doel van de initiatiefnemers van het referendum.

Associatieverdrag met Oekraïne

Want zoals bleek uit een uitgebreid interview met de drie initiatiefnemers van het referendum in NRC-Handelsblad van 31 maart 2016, ging het de initiatiefnemers niet om het Associatieverdrag an sich. Het ging hen in het geheel niet om Oekraïne, zo zei Arjan van Dixhoorn. ‘Oekraïne kan ons niets schelen, dat moet u begrijpen’. Het ging hen uiteindelijk, zo blijkt uit het interview, niet om het tegenhouden van toetreding tot de Europese Unie (iets dat niet de inzet van het verdrag is), maar om beëindiging van het Nederlandse lidmaatschap van de Europese Unie. Er is evenwel nog een ander belangrijk aspect dat niet uit het oog moet worden verloren. En dat is de geopolitieke achtergrond van het Associatieverdrag. Wie de geopolitieke achtergrond van het Associatieverdrag wil begrijpen kan ik ‘Duister Europa’, het nieuwste boek van Robert D. Kaplan, van harte aanraden.

Duister Europa

‘Duister Europa’ is een mengeling van reisverslagen, interviews, memoires en beschouwingen over de geschiedenis, de culturele identiteit en de geopolitieke positie van het aan Oekraïne liggende Roemenië. Trekkend door Roemenië interviewt Kaplan diplomaten, politici, hoogleraren, schrijvers en priesters. Volgens The New York Times is het een boek dat je moet lezen om de crisissituatie met Rusland, en binnen Europa zelf, werkelijk te kunnen begrijpen. Zowel Oekraïne als Roemenië liggen aan de voor Rusland zo belangrijke strategische Zwarte Zee. Beiden vormen de oostgrens van de Europese waarden. Alleen vanuit de geopolitieke betekenis van de regio is te begrijpen waarom Rusland in 2014 het schiereiland De Krim, een onderdeel van Oekraïne, illegaal annexeerde. En waarom pro-Russische rebellen en onduidelijke soldaten zonder herkenningstekens in Oost-Oekraïne met steun van Rusland een oorlog begonnen met als doel delen van Oost-Oekraïne af te scheiden van Oekraïne. De oorlog heeft inmiddels bijna tienduizend doden opgeleverd. Volgens een bericht in de Volkskrant van 11 april 2016 zouden er op basis van gegevens van vluchtelingenorganisatie van de VN, de UNHCR, al zeker 1,4 miljoen Oekraïners zijn gevlucht.

De Pontische Bres

Niet alleen Oekraïne is voor Rusland van groot strategisch belang. Dat geldt ook voor aan de Oekraïne liggende republieken Roemenië en Moldavië. Volgens Kaplan is Roemenië en de Roemeens sprekende republiek Moldavië, dat grenst aan de Roemeense landstreek Moldavië en voor 80 procent bestaat uit Roemenen, net zo belangrijk voor de veiligheid van Oekraïne, als Oekraïne is voor de veiligheid van Rusland. Indien de kleine en 3,5 miljoen inwoners tellende republiek Moldavië in Russische handen valt, dan zijn Oekraïne en Roemenië direct in gevaar. De republiek Moldavië vormt samen met Transnistrië, een  sinds 1990 onafhankelijk gebied met ca. 530.000 inwoners (1,5 keer zoveel als de stad Utrecht) gelegen tussen de oostgrens van Moldavië en de westgrens van Oekraïne, de ‘Pontische Bres’. 

Invasie-route

Het gaat om een gebied waar 35 procent van de bevolking Roemeens is en dat als invasieroute zou kun-nen dienen tussen de Zwarte Zee enerzijds en de Balkan en de Middellandse Zee anderzijds. Zoals de Noord-Europese laagvlakte (Polen, Wit-Rusland en Baltische Staten) de noordelijke invasieroute is tussen Europa en Rusland, zo vormt de ‘Pontische Bres’ de zuidelijke route, zo zegt Kaplan op pagina 200. Wordt de ‘Pontische Bres’ als een invasieroute gebruikt, dan is het eerste de beste land dat door Rusland onder de voet wordt gelopen Roemenië. Het is deze geopolitieke ligging waarom Rusland het schiereiland De Krim heeft geannexeerd, de pro-Russische rebellen in Oost-Oekraïne steunt, en er zo op gebrand is om zoveel mogelijk gebied in deze regio binnen de Russische invloedssfeer te houden. Het is ook de reden waarom Rusland duizenden soldaten en militaire middelen in Transnistrië handhaaft.

Kruispunt van drie imperia

Naast de geopolitieke ligging van Roemenië, kan het land alleen maar worden begrepen wanneer we kijken naar de geschiedenis en de culturele identiteit van het land. Want hoewel het land vijftig jaar lang (1947-1989) door de Communistische Partij werd geregeerd, onderdeel was van de Sovjet-Unie en lid van het Warchaupact, het militaire bondgenootschap van communistische landen dat tussen 1955 en 1991 heeft bestaan, heeft het land een sterk westerse oriëntatie. Het land ligt op het kruispunt van drie imperia: het Byzantijnse Rijk, het islamitische  Ottomaanse  Rijk en het Habsburgse Rijk. In de loop der jaren hebben de drie imperia hun sporen in het land achter gelaten. En hoewel het land zowel oosterse als westerse invloeden kent, is het, met uitzondering van de communistische periode, overwegend op het westen gericht. Zo is het Roemeens is een Romaanse taal, een taalgroep die onder andere Frans, Spaans, Catalaans, Portugees en Italiaans bevat. Historisch was in het onderwijs Frans de leiden-de taal, tegenwoordig is dat Engels.

Het Byzantijnse Rijk

Het Byzantijnse Rijk, ofwel het Oost-Romeinse Rijk, was een keizerrijk dat in de daaropvolgende middeleeuwen een groot deel van het oostelijk Middellandse Zeegebied besloeg, met als hoofdstad Constantinopel. Het politieke centrum van het Romeinse Rijk werd in het jaar 330 verplaatst van Rome naar het in dat jaar gestichte Constantinopel, het huidige Istanboel, ook wel het ‘Tweede Rome’ genoemd. De door Roemenië lopende Donau markeerde de noordelijke de grens van het Byzantijnse Rijk. De bloeiperiode van het Byzantijnse Rijk liep van 867 tot 1057. Vanaf dat jaar zette het verval van het Byzantijnse Rijk tot in 1453 de Osmaanse Turken de stad Constantinopel veroverden. Daarmee eindigde het rijke Romeinse Rijk waarvan in cultureel oogpunt tot op vandaag in heel Roemenië zijn invloed merkbaar is. Zo volgen de kerkdiensten niet de Russisch orthodoxe liturgie, maar de oorspronkelijk oosters-orthodoxe liturgie, het christendom zoals dat ooit door het Byzantijnse Rijk onder de heidenen werd verspreid.

Klein Parijs en Klein Wenen

De Romeinse invloed van het Byzantijnse Rijk en de westerse invloed als gevolg van de Habsburgse monarchie is in heel Roemenië nog steeds heel goed te zien. Roemenië, dat ca. 22 miljoen inwoners telt en 5-6 keer zo groot is als Nederland, beschikt over oerbossen en een rijke natuur heeft tal van mooie, culturele en toeristische steden. En hoewel tijdens de communistische periode tal van oude binnensteden met de grond gelijk zijn gemaakt, kent Roemenië nog tal van middeleeuwse steden die hun oorspronkelijke karakter hebben weten te bewaren. Zie onder meer de steden Sighişcoara, Bran en Biertan. Naast mooie gotische kerken en Byzantijnse kloosters (Putna, St. Panteleimon, Tipova, Zographou) vol schitterende fresco’s telt Roemenië 50 paleizen, burchten en kastelen (Bran, Peleş,Raven, Râşnov,  Poienari) en historische stadjes met schitterende steegjes, smalle straatjes en kleurige huizen. De westerse invloed is zowel vroeger als nu groot te noemen. Zo was de Roemeense stad Timişoara, dat volgens Kaplan 150 jaar lang rechtstreeks onder Ottomaans gezag viel en in 1989 een belangrijke rol speelde in de val van Ceauşescu, de eerste stad in Europa waar elektrische straatverlichting werd ingevoerd. De stad had als bijnaam Klein Wenen. De westerse invloed was ook merkbaar in de hoofdstad Boekarest dat in de jaren twintig en dertig de bijnaam Klein Parijs had en nog steeds een grote toeristische attractie is.

De Roemeense bouwstijl

Roemenië is een Midden-Europees land met westerse en oosterse invloeden dat heeft zich ontwikkeld tot een land met een grote verscheidenheid aan culturen, zo zegt Kaplan. Zo heeft de kerk van het drie-honderd jaar oude Mogoşoaia-paleis buiten Boekarest torentjes die op Turkse minaretten lijken. De smalle bogen van baksteen en galarijen met marmeren zuilen van het paleis zelf doen volgens Kaplan denken aan de vroegmiddeleeuwse Byzantijnse wereld, de erfgenaam van het Romeinse Rijk. Een de steile, loodgrijze daken neigen naar de barok. Naast het paleis, tussen 1698 en 1702 gebouwd door prins Constantin Brȃncoveanu, de naamgever van deze typisch Roemeense bouwstijl, getuigt ook het Atheneum aan het centrale plein van Boekarest van de hang naar het Westen zonder dat oosterse invloeden helemaal ontbreken. Het neo-klassieke concertgebouw uit de 19e eeuw, gebouwd door een Franse architect, is een van de mooiste gebouwen van Boekarest. Alle architectonische invloeden zijn in Boekarest te vinden: Byzantijns, Brȃncoveanu, Ottomaans, renaissance, Venetiaans classisisme, Franse barok, Oostenrijkse Secession, art deco en het modernisme.

Transsylvanië

Op Hongarije en Moldavië na, wordt het Romaanse Roemenië ingesloten door Slavische landen. Het land vormt samen met het overwegend christelijk-orthodoxe Oekraïne, waar een aan het Russisch verwante taal wordt gesproken, de uiterste grens van de westelijke invloed in Midden- en Oost-Europa. De sterke band met Europa kan ook als verklaring worden gezien waarom Roemenië in 2004 lid geworden is van de NAVO en sinds 2007 lid is van de Europese Unie. Wie een goed beeld wil zien te krijgen over wat het oude Roemenië eens heeft betekend doet er volgens Kaplan goed aan De Transsylvaanse Trilogie te lezen van Miklós Bánffy. Bánffy was kasteelheer, minister van Buitenlandse Zaken en de grootste grondbezitter in Transsylvanië tijdens het interbellum. De drie delen gaan over een samenleving die op het punt staat te verdwijnen door de Eerst Wereldoorlog. Op een zeer aanschouwelijke manier beschrijft hij het bergachtige Transsylvanië. Een tijdens het Ottomaanse Rijk autonoom gebied dat tegenwoordig een groot deel van het huidige noorden en westen van Roemenië beslaat. Restanten van die periode bestaan nog steeds en worden volgens Kaplan op een mooie manier beschreven in het boek Between the Woods and the Water van de literaire reisschrijver Patrick Leigh Fermor die in 1933 en 1934 te voet door Transsylvanië trok. In Fermors ogen was Boekarest ‘een fascinerende nachtmerrie’ en een ‘overdadig met kussen en kleden gestoffeerd Babylon’.

Reizen door Roemenië

Kaplan schreef zijn  boek vanuit zijn levenslange fascinatie voor Roemenië. Hij bezocht het land gedurende vijfendertig jaar regelmatig nadat hij er in 1981 voor het eerst voet aan de grond zette. In een interview met Ben van Raaij in de Volkskrant van 19 maart 2016 zegt hij: ‘Tijdens mijn reis in 1981 ontdekte ik dat niemand het verhaal volgde dat mij het belangrijkste leek van de tweede helft van de 20e eeuw: de Koude Oorlog’. Het feit dat Roemenië zowel van Rome als van Griekenland afstamt, als dat het een Latijnse taal spreekt, een Oosters-Orthodoxe religie heeft en op de scheidslijn van Centraal- en Oost-Europa ligt, ‘maakt van Roemenië een ideale plek om de geopolitiek te beschouwen’. Vanuit de geopolitieke ligging beschouwt Kaplan de Balkan, dat de natuurlijke toegangspoort is naar Europa, als het meest kwetsbare gebied van het huidige Europa. ‘De enige manier waarop Europa greep kan krijgen op dit probleem is door heel veel geld te steken in de Balkan, om de vluchtelingen daar te houden.

De toekomst van Europa

Uiteindelijk zou Europa volgens Kaplan kunnen uitgroeien tot een opvolger van het Habsburgse Rijk. ‘Dat was een multinationale staat waarin humanisme, tolerantie en de rechten van minderheden, binnen de beperkingen van de tijd, centraal stonden. Het was gebaseerd op een vorm van patriottisme die uitsteeg boven etniciteit, een patriottisme voor de keizer.’  Voor de Europese leiders van nu ligt er volgens Kaplan een enorme uitdaging. Daarbij zou best wel eens een ‘Metternich’ kunnen opstaan. Het was de Oostenrijkse staatsman Klemens von Metternich die in de 19e eeuw het multinationale Habsburgse Rijk bijeen hield en er voor zorgde, zoals Kaplan het op pagina 233 van Duister Europa zegt ‘(…) dat er na Napoleon een eeuw lang geen grootschalige oorlogen waren’.

Legitieme staten

Klemens von Metternich was 39 jaar een zeer invloedrijke minister van Buitenlandse Zaken. Hij was een man van het compromis, van manoeuvreren in beperkingen. Een Duitser uit het Rijnland (Koblenz), Frans opgevoed, was hij zelf multinationaal. Hij vond nationalisme reactionair en gevaarlijk voor zijn veelvolkerenstaat’. Metternich geloofde in legitieme staten, niet in etnische naties, zegt Kaplan. ‘Metternich was de ultieme Europeaan: hij laveerde tussen alle partijen door’. En dat is precies wat Europa op dit moment nodig heeft. Dat zijn geen emotioneel gedreven politici en agitatoren die er alles aan doen om chaos en verwarring te zaaien. Europa heeft rationeel handelende politici nodig die vanuit het belang van haar inwoners strategisch en tactisch weten te manoeuvreren in het duistere Europa. En daarbij een antwoord weten te geven op de ontbinding van het Habsburgse keizerrijk waarvan we vandaag de dag nog steeds de gevolgen ondervinden.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*