Waarom ras er toe doet

Waarom ras er toe doet Afua Hirsch

De afgelopen week heeft minister Blok van Buitenlandse Zaken opnieuw een hoofdstuk toegevoegd aan de open zenuw die de Nederlandse samenleving al een enige tijd splijt.  Die open zenuw betreft de vraag hoe wij om moet gaan met mensen met een andere etniciteit, een andere cultuur en een andere geloof. De uitspraak van minister Blok ‘dat een vreedzame multi-etnische of een multi-culturele samenleving niet mogelijk is’ en dat dit komt omdat ‘ergens diep in ons genen zitten waardoor we niet goed in staat zijn om een binding aan te gaan met ons onbekende mensen’, leidde bij Nu.nl alleen al tot meer van 1.000 reacties. Hoewel mogelijk onbedoeld zijn de uitspraken van Blok, gebaseerd op aantal slecht gekozen voorbeelden, in essentie racistisch en discriminerend te noemen. Waar komt het denken dat achter de voorbeelden schuil gaat vandaan? Is sprake van het onzorgvuldig formuleren en het kiezen van verkeerde voorbeelden of is er meer aan de hand? In het net uitgekomen autobiografische boek ‘Waarom ras er toe doet. De verholen waarheid over identiteit’ legt de Britse schrijver, journalist en jurist Afua Hirsch, op basis van een persoonlijke zoektocht naar haar afkomst en identiteit uit waarom ras er in dit soort gevallen toe doet. Het is een magnifiek geschreven boek dat indringend de vraag aan de orde stelt waarom het zo ongelofelijk ingewikkeld is om over ras, erfgoed en identiteit te praten.

De rol van ras

Afua Hirsch is Brits. Dat geldt ook voor haar ouders, haar zus, haar man, haar dochter en veel van haar vrienden. Ze is geboren en opgegroeid in Groot-Brittannië. Engels is haar moedertaal. Groot-Brittannië omschrijft ze als ‘onmiskenbaar mijn thuis’. Vanaf haar jeugd blijven mensen evenwel regelmatig aan haar vragen ‘Waar kom je vandaan?’. En als het antwoord daarop is ‘Ik kom uit Wimbledon’, dan is de volgende vraag ‘Maar waar kom je écht vandaan?’ De reden dat mensen deze vraag (‘De Vraag) blijven stellen, de laatste jaren in toenemende mate, is omdat Afua Hirsch van ‘gemengde afkomst’ is. Hierdoor heeft ze een kleurtje waardoor met name witte Britse inwoners er vanuit gaan dat ze niet Brits is. In ‘Waarom ras ertoe doet’ weet Hirsch openhartig, onderzoekend en met de nodige zelfspot de grote vragen over ras, cultuur en identiteit met haar eigen levensverhaal te verweven. Geboren als dochter van een uit Duitsland gevluchte Joodse vader en een uit Ghana naar Groot-Brittannië geëmigreerde moeder, groeide Hirsch op in Wimbledon, een welvarende Londense buitenwijk vol platanen en eiken, met huizen uit de tijd van Koning Edward VII en bekend vanwege zijn jaarlijkse tenniskampioenschap. Pas na enige tijd werd zij geconfronteerd met subtiele en minder subtiele vormen van racistisch en discriminerend gedrag. ‘Ik was niet op zoek naar ras, maar ras drong zich aan mij op: op de speelplaats, in de klas, op straat, in winkels’. Ze wist al vanaf haar kindertijd dat ze er anders uitzag, maar pas later ontdekte ze dat aan haar anders-zijn iets onwenselijks, iets slechts had. Het unieke aan Groot-Brittannië is volgens Hirsch dat veel inwoners bereid zijn zich in ingewikkelde bochten te wringen om het probleem van zwart zijn vooral niet onder ogen te hoeven zien. We willen postraciaal zijn, maar ondertussen blijkt de samenleving nog steeds raciaal georiënteerd te zijn. Dat werd haar pijnlijk duidelijk na het referendum over de Brexit. Zo bleek het aantal geweldsincidenten met een raciale of religieuze achtergrond na het referendum enorm te zijn toegenomen. Er vielen zelfs twee doden. Ook verbaal geweld en dreiginge nam toe. Zo vroeg een volstrekte onbekende taxichauffeur haar: ‘Nu ga je zeker gauw terug naar je eigen land, hé’.

Kleurenblindheid

We leven, zoals de door Hirsch aangehaalde Amerikaanse socioloog Eduardo Bonilla-Silva zegt, in een tijd van ‘racisme zonder racisten’. Volgens Hirsch leven we in een tijd van ‘kleurenblind racisme’, van ‘racisme met een glimlach’. De centrale stelling van Hirsch is dat een samenleving die doet alsof kleur en ras niet bestaat, waarbij iedereen gelijk is en die zegt dat ras en kleur geen rol speelt in het beoordelen van anderen, dat juist dat soort samenlevingen racistische en discriminerend zijn. Hirsch noemt tal van voorbeelden waarbij beleefde, vriendelijke mensen volstrekt’ onbedoeld’ en met de beste bedoelingen haar benaderen als iemand die ‘anders’ is. Zo herinnert ze zich nog goed dat zij op haar veertiende een schoolvriendinnetje tegen haar zei: ‘Wees maar niet bang Afua, wij zien jou niet als zwart’. Haar andere vriendinnen vielen haar bij: vriendelijk, inschikkelijk, trots, afstand nemend dat ze van racisme konden worden beschuldigd’. Deze vorm van vriendelijkheid was een van haar meest traumatische ervaringen. Het leerde haar aan dat zwart zijn slecht was. En het leerde haar en haar vriendinnen dat het beter is te doen alsof er helemaal geen zwarte mensen bestaan. De prijs daarvoor was evenwel hoog. Net doen alsof ras en kleur er niet toe doet had tevens tot gevolg dat zwarte en gekleurde mensen hun poging diende op te geven om hun erfgoed en hun geschiedenis te leren kennen. ‘Het voelde alsof mijn vriendinnen mijn identiteit ontkenden, onder het  mom dat ze mij een gunst verleenden’. Het tweede probleem is dat ‘geen rassenverschillen zien of willen zien’, waarbij mensen die ‘anders zijn’ het vermogen wordt ontnomen hun eigen identiteit op te eisen, verdere analyse onmogelijk maakt, aldus Hirsch. ‘Waarom kunnen identiteit en erfgoed niet worden erkend zonder dat dit gelijk hun besef ondermijnt dat ze thuishoren in Groot-Brittannië, dat per slot van rekening ook hun land is’, zo vraagt zij zich af.

Multiculturele samenleving

In tal van landen is sprake van een multiculturele samenleving waarin mensen van verschillende culturen en achtergronden vreedzaam met elkaar samenleven. Ook Groot-Brittannië is als zodanig te bestempelen. Toch wordt er al jaren door politici en opiniemakers geroepen dat de multiculturele samenleving is mislukt. Hirsch spreekt in haar in haar boek overigens geen enkele keer over ‘multiculturele samenleving’. Hirsch heeft het over ‘multiculturalisme’. Soms door haar omschreven als ‘politiek multiculturalisme’ , ‘progressief multiculturalisme’, ‘hard multiculturalisme’ of ‘multiculturalisme als politiek project’. In alle gevallen gaat het om een ideologie die er vanuit gaat dat minderheden hun eigen etnische, religieuze en culturele identiteit behouden en waarvan de expressie daarvan in specifieke gemeenschappen wordt getolereerd. Als politiek instrument kwam ‘multiculturalisme’ volgens Hirsch neer op het subsidiëren van activiteiten en het beschikbaar stellen van faciliteiten die leidde tot in stand houden van aparte gemeenschappen en het gescheiden houden van de bevolking langs raciale lijnen. Waarbij van enoge vorm van ‘integratie’ geen sprake was. Dit ‘harde’ multiculturalisme heeft volgens Horsch geen voorstanders meer en is in geheel Europa zo goed als verdwenen. Ook in Nederland is het op dit ‘multiculturalisme’ gebaseerde minderhedenbeleid door opeenvolgende regeringen afgeschaft. Toch blijft de aversie tegen de ‘multiculturele samenleving’ nog steeds groot. In toenemende mate wordt van immigranten geen ‘integratie’ verwacht, maar ‘assimilatie’. Het gaat niet meer om ‘integratie’, waarbij ‘bestaande’ en ‘nieuwe’ culturen naar elkaar toegroeien, maar om het volledig opgaan en verdwijnen in de samenleving. Er wordt steeds meer van immigrante en hun nakomelingen verwacht dat zij het multi-etnische en multi-culturele karakter van hun identiteit verloochenen. Volgens Hirsch de bron van veel onvrede. Er dient juist met elkaar te worden gesproken over de facetten die de identiteit van immigranten en hun nakomelingen vormen. Ras doet er toe.

Het witte sentiment

Dat immigranten en hun nakomelingen als gevolg van het onder de oppervlakte levende sentiment raciaal en economisch worden uitgesloten heeft volgens Hirsch alles te maken hoe Britten naar zichzelf kijkt. Sprake is van een diepgewortelde beeld dat ‘inheemse’ Britten een wit ras zijn, met een smetteloze cultuur die al sinds mensenheugenis bestaat. Was dat niet zo, dan zou het debat rond immigratie misschien wel eens op veel rationelere manier kunnen worden gevoerd, op basis van economische noodzaak, publieke middelen, historische feiten en geopolitieke realiteit’. Als gevolg van het beeld dat ‘inheemse Britten’ een wit ras zijn, hebben we volgens Hirsch te maken met een ‘emotioneel en emotionerend verhaal over dreiging en invasie, met ondertonen die even oud en mondiaal zijn als Groot-Brittannië zelf: de beschaafde, witte natie tegenover zwarte, bruine, islamitische, oosterse en Afrikaanse hordes’. In Nederland vergaat het debat op een vergelijkbare manier en hebben immigranten en hun nakomelingen op dezelfde manier te maken met subtiele en minder subtiele vormen van mirco-agressie en uitsluiting als waar Hirsch en haar familie mee te maken heeft. Het feit dat ik van gemengde afkomst ben heb ik niet opgezocht,het heeft zich aan mij opgedrongen’, zo zegt Hirsch in haar boek, ‘omdat ik vanaf mijn geboorte door de Britse samenleving als anders wordt aangemerkt’.

Wees onzichtbaar

Het sentiment dat Hirsch me sprekende voorbeelden beschrijft is ook terug te vinden in de woorden van minister Blok toen hij op 10 juli 2018 zei dat hij geen vreedzame multi-etnische of multi-culturele gemeenschap kende. De Tuks-Nederlandse auteur Murat Isik concludeerde naar aanleiding van de uitspraken van Blok in zijn column in de Volkskrant van 21 juli 2018 dat hij blijkbaar een gevaar vormt voor de Nederlandse samenleving. ‘Mijn aanwezigheid in dit land – en die van mijn familie, andere ‘gekleurde Nederlanders’ en nieuwkomers- maakt een vreedzaam samenlevingsverband onmogelijk’. Isik was verbijsterd, woedend en verbaasd. ‘Hoe kun je in vredesnaam je eigen samenleving als mislukt beschouwen’, zo vroeg hij zich af. Isik, die eind 2017 met zijn roman ‘Wees onzichtbaar’ winnaar werd van de Libris Literatuur Prijs, betitelde de woorden van Blok als ‘duister en fatalistisch’. De uitspraken reflecteren volgens Isik een diep wantrouwen tegen alles met een ‘kleurtje’. De uitspraken kwetsen niet alleen miljoenen Nederlanders en in Nederland wonende burgers met een multi-etnische en multi-culturele achtergrond en identiteit. Ze zijn ook gevaarlijk omdat ze suggereren dat de boel straks volledig ontspoort en op geweld uitdraait. De titel van het boek van Isik, ‘Wees onzichtbaar’, geeft ook kernachtig wat volgens Hirsch van immigranten wordt verwacht. Als je zwart bent of een kleurtje hebt is dat evenwel onmogelijk. Hirsch heeft geprobeerd ‘onzichtbaar te zijn’, maar werd er door haar kleur telkens weer aan herinnerd dat zij anders is. ‘Waarom ras er toe doet’ is een openhartig en met humor geschreven boek dat zeer scherp aangeeft waar immigranten en hun nakomelingen dagelijks mee worstelen. Mijn advies aan Blok is: lees het boek van Afua Hirsch, kom het ministerie uit en ga net als Maxima na haar verloving in 2001 in gesprek met burgers met een multi-etnische en multi-culturele achtergrond. Je zal dan zien dat de wereld er heel anders uit ziet dan je vanachter de veilige muren van het  ministerie denkt.

Afua Hirsch,  ‘Waarom ras ertoe doet. De verholen waarheid over identiteit’, Atlas Contact, 376 pagina’s, 2018, € 24,99

 

Geplaatst in Geen categorie

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*